Ga naar hoofdinhoud
Terug naar Blog
Bloedwaarden & biomarkers

ANA bloedonderzoek: wat een positieve ANA wel en niet betekent

V
Vitalcheck
7 min lezen
Onderzoeker kijkt door een microscoop in een laboratorium.
Foto: Trust "Tru" Katsande via Unsplash

Je liet een ANA bloedonderzoek doen, op de uitslag staat "positief", en de eerste zoekresultaten gaan meteen over lupus. Adem even uit. In een groot Amerikaans bevolkingsonderzoek onder 4.754 mensen was ongeveer 13,8% ANA-positief (PMID 22237992).

Dat is ruwweg één op de zeven mensen. Die deelnemers waren niet ziek. Ze deden gewoon mee aan een onderzoek.

Mijn stelling: het internet maakt van een positieve ANA bijna een diagnose. Dat is het niet. De titer en je klachten bepalen samen wat de uitslag waard is, en zonder klachten blijft er vaak weinig over.

Wat is een ANA bloedonderzoek?

ANA staat voor antinucleaire antistoffen: afweerstoffen die zich richten tegen onderdelen van de celkern. Een ANA bloedonderzoek kijkt of die antistoffen aantoonbaar zijn, en tot welke verdunning ze zichtbaar blijven. Artsen zetten de test meestal in bij een vermoeden van een systemische auto-immuunziekte, zoals lupus (SLE) of het syndroom van Sjögren.

De uitslag komt binnen als een titer: 1:40, 1:80, 1:160, 1:320, en zo verder. Het lab verdunt je bloedmonster stap voor stap. Blijft de reactie zichtbaar bij een sterkere verdunning, dan noteert het lab een hogere titer.

Waar veel labs de grens leggen tussen "negatief" en "positief", verschilt. Vaak ligt die rond 1:80. Het woord "positief" op een uitslagformulier zegt dus niet altijd hetzelfde, en de titer erachter zegt meer dan het woord zelf.

Het lab beschrijft er meestal een patroon bij, bijvoorbeeld homogeen, gespikkeld of centromeer. Zo'n patroon kan een richting geven. Een diagnose is het niet.

En dan het misverstand dat het vaakst voorbijkomt. ANA is geen reumatest. Bij reumatoïde artritis kijken artsen naar anti-CCP en reumafactor. Anti-CCP heeft een specificiteit van rond de 95%, IgM-reumafactor rond de 85% (PMID 17548411).

Wil je die twee begrijpen, lees dan wat de anti-CCP waarde wel en niet zegt en wat een positieve of negatieve reumafactor betekent. Twee andere markers, een ander verhaal.

Wat betekent een positieve ANA?

Een positieve ANA betekent dat je afweersysteem antistoffen tegen celkernmateriaal maakt. Meer niet. Zonder passende klachten zegt de uitslag weinig, zeker bij een lage titer. Pas als er een klachtenpatroon naast ligt dat past bij een systemische auto-immuunziekte, krijgt de waarde gewicht. Een arts weegt beide, nooit het getal alleen.

De hoogte van de titer doet ertoe. Lage titers zoals 1:40 en 1:80 komen veel voor bij mensen die niets mankeren. Hogere titers wegen zwaarder, maar ook dan alleen als er klachten bij passen.

ANA uitslagZonder passende klachtenMet passende klachtenWat het niet zegt
NegatiefMaakt een systemische auto-immuunziekte minder waarschijnlijk, zonder die uit te sluitenMaakt lupus minder waarschijnlijk, al blijft nader onderzoek soms zinvolZegt niets over reuma: daarvoor kijkt een arts naar anti-CCP en reumafactor
Lage titer (1:40 tot 1:80)Heel gewoon bij gezonde mensen: ongeveer 13,8% van de bevolking is ANA-positief (PMID 22237992)Kan meewegen in het geheel, maar is op zichzelf zwakIs geen diagnose, en geen reden tot paniek
Hogere titer (1:160 of hoger)Komt ook voor zonder ziekte, al wordt het minder vaak gezienWeegt zwaarder en kan voor een arts aanleiding zijn tot vervolgonderzoekZegt niets over de ernst of het beloop van een eventuele aandoening

Die 13,8% komt uit NHANES, een bevolkingsonderzoek onder 4.754 Amerikanen van 12 jaar en ouder (PMID 22237992). De onderzoekers schatten dat meer dan 32 miljoen Amerikanen ANA in hun bloed hebben. De meesten worden nooit ziek.

Geen enkele consumentenpagina die ik las, zette dat getal bovenaan. Dat is precies waarom mensen schrikken van hun uitslag.

Hoe vaak is ANA positief bij gezonde mensen?

Vaker dan de meeste mensen denken. In datzelfde bevolkingsonderzoek was 13,8% van de deelnemers ANA-positief: 17,8% van de vrouwen en 9,6% van de mannen (PMID 22237992). De kans neemt bovendien toe met de leeftijd. Een positieve uitslag zonder klachten is dus eerder gewoon dan bijzonder.

Neem twee mensen met precies dezelfde uitslag: allebei een ANA van 1:80. De een voelt zich prima, sport drie keer per week en liet uit nieuwsgierigheid prikken. De ander heeft al vier maanden pijnlijke, stijve handen in de ochtend, plus rode vlekken op de wangen die opkomen in de zon.

Zelfde getal, twee heel verschillende gesprekken.

Bij de eerste valt er niets te verklaren: er is geen klacht om de uitslag aan te koppelen. Bij de tweede ligt er een verhaal, en dat verhaal hoort bij de huisarts. De context beslist, niet de titer.

Er zijn meer redenen waarom ANA positief kan uitvallen zonder dat er iets aan de hand is. Een doorgemaakte infectie, bepaalde medicijnen en een hogere leeftijd kunnen meespelen. Sommige mensen maken die antistoffen simpelweg, en er gebeurt nooit iets mee.

Welke aandoeningen horen bij een positieve ANA?

Een positieve ANA zien artsen vooral bij systemische auto-immuunziekten van het bindweefsel: lupus (SLE), het syndroom van Sjögren en systemische sclerose. Ook bij auto-immuunhepatitis en bij mixed connective tissue disease kan de test positief uitvallen. Al die diagnoses stelt een arts, meestal een reumatoloog, en nooit een los bloedgetal.

Wat maakt een positieve ANA dan wél relevant? Een klachtenpatroon dat erbij past. Denk aan gewrichtspijn die weken aanhoudt, droge ogen en een droge mond, huidklachten die opspelen in de zon, vingers die wit wegtrekken in de kou, of onverklaarde koorts en vermoeidheid.

Zulke combinaties horen thuis in de spreekkamer, niet in een zoekbalk. Een arts kan ANA dan aanvullen met specifiekere antistoffen en met ontstekingswaarden, en het geheel wegen.

Reumatoïde artritis staat niet in dat rijtje. Voor reuma kijken artsen naar anti-CCP en reumafactor, en zelfs die twee beslissen niet alleen. In de ACR/EULAR-criteria uit 2010 is serologie één van de vier onderdelen, naast gewrichten, ontstekingswaarden en de duur van de klachten (PMID 20872595). Bloed alleen bepaalt de uitkomst dus nooit.

De NHG-standaard voor artritis houdt bij huisartsen dezelfde volgorde aan: eerst het verhaal en het lichamelijk onderzoek, daarna pas het lab. Op Thuisarts staat diezelfde uitleg in gewone taal. Het is verreweg het rustigste dat je over dit onderwerp kunt lezen.

Wil je zien hoe de reumamarkers naast elkaar gelezen worden, dan staat dat in reuma herkennen: symptomen, bloedwaarden en wanneer testen zinvol is.

Wat doe je met je ANA uitslag?

Leg de uitslag naast je klachten, niet naast een zoekmachine. Heb je geen klachten, dan is een positieve ANA meestal geen reden tot zorgen. Houden je klachten al weken of maanden aan, dan hoort de uitslag in een gesprek met je huisarts. Die weegt alles samen.

Wat je huisarts kan doen: vragen stellen over gewrichten, huid, ogen, mond en vermoeidheid. Kijken naar ontstekingswaarden. Zo nodig doorverwijzen naar een reumatoloog voor vervolgonderzoek.

Opnieuw prikken levert vaak weinig nieuws op, omdat een ANA-titer meestal redelijk stabiel blijft. Of herhalen in jouw situatie zin heeft, bepaal je met je huisarts, niet met een forum.

Ik vind dat aanbieders van bloedonderzoek hier een verantwoordelijkheid hebben. Een los positief getal de wereld in sturen, zonder titer, zonder context en zonder arts erbij, is precies hoe onnodige angst ontstaat. Daarom zit er bij elke uitslag van ons een beoordeling van een BIG-geregistreerde arts.

Wil je weten wat de marker zelf inhoudt, dan staat de uitleg op de pagina over ANA (antinucleaire antistoffen). Wil je ANA combineren met ontstekingswaarden of andere antistoffen, dan kan dat via je eigen bloedtest samenstellen.

Mijn stelregel na jaren uitslagen lezen: één getal is nog geen verhaal. Houden je klachten aan, maak dan een afspraak bij je huisarts en neem je uitslag mee, titer en patroon erbij. Dat gesprek van tien minuten levert meer op dan welke zoekopdracht ook.

Bronnen

  1. Satoh M, Chan EK, Ho LA, et al. Prevalence and sociodemographic correlates of antinuclear antibodies in the United States. Arthritis Rheum. 2012;64(7):2319-2327. PMID 22237992.
  2. Nishimura K, Sugiyama D, Kogata Y, et al. Meta-analysis: diagnostic accuracy of anti-cyclic citrullinated peptide antibody and rheumatoid factor for rheumatoid arthritis. Ann Intern Med. 2007;146(11):797-808. PMID 17548411.
  3. Aletaha D, Neogi T, Silman AJ, et al. 2010 rheumatoid arthritis classification criteria: an American College of Rheumatology/European League Against Rheumatism collaborative initiative. Arthritis Rheum. 2010;62(9):2569-2581. PMID 20872595.
  4. NHG en Thuisarts. Patiënteninformatie over gewrichtsklachten, artritis en auto-immuunziekten. Beschikbaar via nhg.org en thuisarts.nl.

Elk bloedtestresultaat bij Vitalcheck bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Een bloedwaarde is geen diagnose: bespreek behandelbeslissingen altijd met je huisarts.

V

Auteur

Vitalcheck

Gerelateerde testen

Gerelateerde berichten