Ga naar hoofdinhoud
Your session has expired. Reloading...
Terug naar Blog
Vitamines & mineralen

Calcium in je bloed: normaalwaarden, te veel en te weinig

V
Vitalcheck
5 min lezen
Twee stukken kaas met verse basilicum op een houten plank.
Foto: David Foodphototasty via Unsplash

Ongeveer 99 procent van je calcium zit in je botten en tanden. Slechts 1 procent circuleert in je bloed. Juist dat ene procent wordt streng bewaakt, want het regelt je hartslag, je spiersamentrekking en je bloedstolling.

Dat heeft een consequentie die veel mensen verrast: je calciumwaarde in bloed zegt weinig over de sterkte van je botten. Je lichaam houdt dat bloedgetal namelijk stabiel, desnoods door calcium uit je skelet te halen. Een normale uitslag sluit botontkalking dus niet uit.

Wat een calciumwaarde wél kan opsporen, is een verstoring van de regulatie zelf. En daar wordt het interessant.

Wat is een normale calciumwaarde?

De meeste laboratoria hanteren ongeveer 2,15 tot 2,55 mmol/l voor totaal calcium in serum. Boven die grens spreken artsen van hypercalciëmie, eronder van hypocalciëmie. Net als bij andere waarden verschilt de referentie licht per lab, dus vergelijk altijd met het bereik op je eigen uitslag.

Belangrijker dan de exacte grens is hoe dat getal tot stand komt. Ongeveer de helft van je calcium reist gebonden aan het eiwit albumine, de andere helft is vrij en actief. Een lab meet standaard het totaal, dus beide delen bij elkaar.

Waarom telt albumine mee bij je calciumwaarde?

Omdat albumine je calciumuitslag kan vertekenen zonder dat er iets mis is. Zakt je albumine, bijvoorbeeld bij leverziekte of langdurige ziekte, dan daalt je totale calcium mee terwijl het actieve, vrije calcium gewoon normaal blijft. De uitslag lijkt dan laag, maar je lichaam merkt er niets van.

Daarom rekenen laboratoria met een gecorrigeerde calciumwaarde, waarbij het totaal wordt bijgesteld voor je albumine. Dat principe is niet nieuw: het werd al in 1973 beschreven (Payne 1973, PMID 4758544) en wordt nog altijd gebruikt.

Stel je twee mensen voor, beiden met een totaal calcium van 2,10 mmol/l. De een heeft een normaal albumine, de ander een verlaagd albumine van 30 gram per liter. Bij de eerste is de waarde echt aan de lage kant. Bij de tweede is de gecorrigeerde waarde waarschijnlijk gewoon normaal. Zelfde getal, tegengestelde betekenis.

Wat mij betreft is dit de reden dat je een calciumuitslag nooit los moet lezen. Vraag ernaar als het albumine niet op je uitslag staat.

Wat betekent te veel calcium in je bloed?

Een verhoogd calcium is zelden een voedingskwestie. Het wijst meestal op een verstoring in de hormonale regulatie, en de bekendste oorzaak is een te actieve bijschildklier. Die klieren maken het hormoon dat calcium uit je botten haalt en in je bloed houdt.

Klachten zijn er lang niet altijd. Wanneer ze er wel zijn, zijn ze vaag: veel plassen, dorst, obstipatie, vermoeidheid en soms nierstenen. Vaak wordt een verhoogd calcium juist bij toeval gevonden in een routinebepaling, en dat is precies waarom het serieus wordt genomen (Minisola 2015, PMID 26037642).

Mogelijke oorzaakWat er gebeurt
Overactieve bijschildklierMeer hormoon haalt calcium uit je botten
Langdurige immobiliteitBotafbraak geeft calcium af aan het bloed
Sommige medicatieOnder meer lithium en bepaalde plaspillen
Zeer hoge inname supplementenZelden, meestal bij extreme doses met vitamine D
Onderliggende ziekteSoms bij bepaalde aandoeningen, altijd verder uitzoeken

Een verhoogde waarde is een reden voor een gesprek met je huisarts, niet voor paniek. De vervolgstap is meestal een herhaling plus een bepaling van je bijschildklierhormoon.

Wat betekent een calciumtekort?

Een echt laag calcium in bloed is minder gewoon dan mensen denken, want je lichaam corrigeert dat snel. Wat mensen "calciumtekort" noemen, gaat vaak over te weinig calcium in de voeding, en dat zie je juist niet terug in je bloed. Het gaat dan ten koste van je botvoorraad.

Het Voedingscentrum houdt aan dat volwassenen ongeveer 950 tot 1.000 milligram calcium per dag nodig hebben. Zuivel, groene bladgroenten, noten en peulvruchten leveren het grootste deel. Wie zuivel volledig weglaat, mist een flinke bron.

Vitamine D speelt hier de rol van portier: zonder voldoende vitamine D neem je calcium slechter op. Die twee horen dan ook bij elkaar. Lees verder over vitamine D tekort als je daar meer over wilt weten.

Wanneer laat je je calcium meten?

Meten is vooral zinvol bij klachten of bij een eerder afwijkende uitslag. Denk aan nierstenen, botklachten, veel plassen met dorst, of een toevallig gevonden hoge waarde die je wilt herhalen. Zonder klachten en met een gevarieerd eetpatroon voegt een losse calciummeting meestal weinig toe.

Ik kijk zelf altijd eerst naar het albumine voordat ik iets van een calciumwaarde vind. Zonder dat getal is de rest een gok.

Calcium wordt bij Vitalcheck samen met albumine en fosfaat bekeken, omdat die drie elkaar verklaren. Je kunt calcium en fosfaat laten meten in een uitgebreide gezondheidscheck, zonder verwijzing.

Hoe calcium zich verhoudt tot de andere mineralen lees je in de pijler over mineralen en spoorelementen. Voor de nauw verwante zoutbalans is je kaliumwaarde het logische vervolg. Bespreek elke afwijkende uitslag met je huisarts.

Referenties

  • Minisola S, et al. The diagnosis and management of hypercalcaemia. BMJ. 2015. PMID 26037642.
  • Payne RB, et al. Interpretation of serum calcium in patients with abnormal serum proteins. Br Med J. 1973. PMID 4758544.
  • Costello RB, et al. Perspective: The Case for an Evidence-Based Reference Interval for Serum Magnesium. Adv Nutr. 2016. PMID 28140318.
  • Voedingscentrum. Calcium.
  • Gezondheidsraad. Voedingsnormen voor calcium en vitamine D.

Elk bloedtestresultaat bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen je resultaten met je huisarts.

V

Auteur

Vitalcheck

Gerelateerde testen

Gerelateerde berichten