Hematologie
23 markers in deze categorie
Basofielen
Staat er basofiele granulocyten op je uitslag? Dat zijn witte bloedcellen, en daarvan zijn dit er het minst. De basofiele granulocyten waarde ligt bij volwassenen tussen 0 en 0,2 x10⁹/l. Dat is 0 tot 2 procent van je witte bloedcellen. Een lage waarde of een nul is normaal en betekent niets. Een verhoging boven 0,2 komt weinig voor en vraagt meestal eerst een herhaling. Dat komt doordat het apparaat juist deze cel slecht telt. Hieronder lees je in gewone taal wat je getal betekent. En wanneer je ermee naar de huisarts gaat.
Bloedgroep + Rh
Een bloedgroeptest bepaalt uw ABO-bloedgroep en Rh-factor. Het kennen van uw bloedgroep is essentieel voor veilige bloedtransfusies, orgaantransplantaties en zwangerschapsplanning.
Coombs Test (indirect)
De indirecte Coombs-test screent op onverwachte antistoffen in uw bloed die kunnen reageren tegen rode bloedcellen. Het is een belangrijke test voor transfusieveiligheid en prenatale zorg.
Eosinofielen
Eosinofielen zijn witte bloedcellen die betrokken zijn bij allergische reacties en de afweer tegen parasieten. Ze horen bij je volledige bloedbeeld. Een verhoogd aantal wordt vaak gezien bij allergieën, astma of een parasitaire infectie, terwijl een laag aantal meestal niet zorgwekkend is.
Erythrocyten
Een erythrocytentelling (rode bloedcellen) meet het aantal rode bloedcellen in uw bloed. Rode bloedcellen zijn verantwoordelijk voor het transport van zuurstof van uw longen naar de rest van uw lichaam en het terugvoeren van koolstofdioxide voor uitademing.
Haptoglobine
Een haptoglobinetest meet het niveau van het haptoglobine-eiwit in uw bloed. Haptoglobine bindt zich aan vrij hemoglobine dat vrijkomt uit beschadigde rode bloedcellen, en de waarden kunnen helpen beoordelen of rode bloedcellen sneller dan normaal worden afgebroken.
Hematocriet
Hematocriet, wat is dat eigenlijk? Je hematocriet waarde vertelt welk deel van je bloed uit rode bloedcellen bestaat. Simpeler dan het woord doet vermoeden, dus. De rest van je bloed is vooral vocht, het plasma. Staat er 0,44 op je uitslag, dan is 44 procent van je bloed rode bloedcellen. Omdat het om een percentage gaat, telt hoeveel vocht je in je bloed hebt gewoon mee. Had je weinig gedronken op de dag van de prik, dan komt het getal hoger uit. Er zijn dan geen cellen bij gekomen. Je bloed was alleen wat ingedikt.
Hemoglobine
Hemoglobine is een van de meest fundamentele markers van bloedgezondheid en zuurstoftransportcapaciteit. Als onderdeel van een uitgebreide gezondheidsbeoordeling biedt het volgen van hemoglobine geruststellend inzicht in uw algehele vitaliteit en helpt het mogelijke problemen vroegtijdig te signaleren.
Hemoglobine Elektroforese
Hemoglobine-elektroforese is een laboratoriumtechniek die verschillende soorten hemoglobine in uw bloed scheidt en identificeert. Het wordt voornamelijk gebruikt om hemoglobinevarianten te detecteren en erfelijke bloedziekten zoals sikkelcelziekte en thalassemie te diagnosticeren.
Irregulaire Antistoffen (screening)
Een irregulaire antistoffenscreening detecteert onverwachte antistoffen in uw bloed die kunnen reageren tegen vreemde rode bloedcellen. Deze antistoffen kunnen ontstaan na transfusies, zwangerschappen of immuunstimulatie en zijn belangrijk om te identificeren voor transfusie- en zwangerschapsveiligheid.
Klein Bloedbeeld
Het klein bloedbeeld meet drie basiswaarden van je bloed: hemoglobine, leukocyten en trombocyten. Samen zeggen ze iets over zuurstoftransport, afweer en bloedstolling. Het is een eenvoudige basischeck, zonder de rode-bloedcelindices en de differentiatie van witte bloedcellen uit het volledig bloedbeeld.
Leukocyten
Zie je "leukocyten" op je bloeduitslag staan en vraag je je af of jouw getal goed is? Leukocyten zijn je witte bloedcellen, de cellen die infecties opruimen. De leukocyten waarde telt hoeveel ervan in je bloed zitten. Bij het laboratorium dat de test uitvoert ligt het gewone bereik voor volwassenen tussen 4,3 en 10,0 x10^9/l. Andere labs gebruiken net iets andere grenzen, dus kijk altijd naar de referentiewaarde op je eigen uitslag. Staat jouw getal er net boven of onder? Dat is vaak tijdelijk en onschuldig. Een verkoudheid, stress, roken of te weinig drinken verschuiven het al.
Leukocyten Differentiatie
Een leukocytendifferentiatietest meet de relatieve verhoudingen van verschillende soorten witte bloedcellen in uw bloed. Het biedt een gedetailleerde uitsplitsing van uw immuuncelpopulaties en geeft waardevol inzicht in de werking van uw immuunsysteem.
Lymfocyten
Lymfocyten zijn witte bloedcellen die centraal staan in je afweer tegen virussen en in je immuungeheugen. Ze horen bij je volledige bloedbeeld. Een verhoogd aantal past vaak bij een virusinfectie, terwijl een laag aantal kan voorkomen bij stress, bepaalde infecties of medicijnen.
MCH (Gemiddeld Hemoglobinegehalte)
MCH is de gemiddelde hoeveelheid hemoglobine in één rode bloedcel, berekend uit je hemoglobine en je aantal rode bloedcellen. Een lage waarde wijst vaak op ijzergebrek, een hoge waarde op een tekort aan B12 of foliumzuur. Lees wat jouw MCH kan betekenen.
MCHC (Gemiddelde Hemoglobineconcentratie)
MCHC is de gemiddelde concentratie hemoglobine in je rode bloedcellen, berekend uit je hemoglobine en je hematocriet. Een lage waarde past bij ijzergebrek, een verhoogde waarde is zeldzaam en wordt meestal eerst gecontroleerd. Lees wat jouw MCHC kan betekenen.
MCV
MCV is de gemiddelde grootte van één rode bloedcel, gemeten in femtoliter (fl). De MCV normaalwaarde voor volwassenen is 80 tot 100 fl, dus valt jouw uitslag tussen die twee getallen, dan is je MCV waarde normaal. Onder 80 fl zijn je rode bloedcellen kleiner dan gemiddeld, boven 100 fl groter. Die drie takken bepalen welke waarde je daarna laat kijken: ferritine als de cellen klein zijn, vitamine B12 en foliumzuur als ze groot zijn. Een getal als 89, 92 of 94 fl is heel gewoon. Op deze pagina lees je in gewone taal wat jouw getal betekent en wanneer je er iets mee moet.
Monocyten
Staat er een laag aantal monocyten op je uitslag? Dan is dat meestal geen bevinding. De ondergrens ligt vlak bij de precisie van de celteller. Een licht laag getal zegt daardoor weinig. Monocyten zijn de grootste witte bloedcellen. Ze ruimen dode cellen en ziekteverwekkers op. In je weefsel worden ze macrofagen. Hieronder lees je waarom een laag getal zo vaak niets betekent. Je leest ook wanneer het getal wél om uitleg vraagt.
Neutrofielen
Neutrofielen zijn de meest voorkomende witte bloedcellen en horen bij je volledige bloedbeeld. Ze reageren snel op bacteriële infecties en ontstekingen. Een verhoogd aantal past vaak bij een infectie of ontsteking, terwijl een laag aantal je vatbaarder kan maken voor infecties.
RDW
RDW (red cell distribution width) hoort bij je volledige bloedbeeld en laat zien hoeveel je rode bloedcellen in grootte verschillen. Een verhoogde RDW kan een vroege aanwijzing zijn voor bloedarmoede of een tekort aan ijzer, vitamine B12 of foliumzuur. Je arts beoordeelt de waarde samen met je hemoglobine en MCV.
Reticulocyten
Een reticulocytentelling meet het aantal jonge, onrijpe rode bloedcellen in uw bloed. Het weerspiegelt hoe actief uw beenmerg nieuwe rode bloedcellen aanmaakt en is een waardevolle indicator van de beenmergfunctie.
Trombocyten
Een trombocytentelling meet het aantal bloedplaatjes in uw bloed. Bloedplaatjes zijn kleine celfragmenten die essentieel zijn voor de bloedstolling en helpen het bloeden te stoppen wanneer bloedvaten beschadigd zijn.
Volledig Bloedbeeld
Je hebt een uitslag gekregen en ziet een rij afkortingen met getallen erachter. Dat is een volledig bloedbeeld, ook wel een algemeen bloedbeeld genoemd. Het is geen enkele test maar een panel. Uit één buisje bloed telt een apparaat je rode bloedcellen en je witte bloedcellen. Ook je bloedplaatjes worden geteld. Daarnaast meet het de hoeveelheid hemoglobine. Daarom kan je bloedbeeld als geheel niet te hoog of te laag zijn. Losse waarden kunnen dat wel. Op deze pagina lees je rustig wat er staat.